Home > Bomen en struiken > Gewone of italiaanse cipres

Gewone Of Italiaanse Cipres


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                          Gewone of italiaanse cipres
Gewone of italiaanse cipres
Cupressus sempervirens

De gewone cipres is een van de bekendste houtachtige soorten van het Middellandse Zeegebied. Het is het eeuwige symbool van deze streek. Van hier heeft hij zicht verspreid over bijna alle warme landen van de wereld. Het is een soort met een heel lang leven. Hij leeft veel langer dan de beschavingen, die melding maken van bijna 2000 jaar oude exemplaren. Men neemt aan, dat het land van oorsprong in Noord-Iran, Klein-Azieen de eilanden Cyprus, Kreta en Rhodos ligt. Het is een voorhistorische soort, hij leefde reeds in het Plioceen zoals de ontdekkingen in Bulgarije en Polen aantonmen. De schors van de Cipres is grijs-bruin, dun en weinig gebarsten. De twijgen onderscheiden zich van die van de andere cipressoorten door hun vorm: bij doorbreken lijken ze vierkant. De bladeren zijn verlengd, stomp, in elkaar gedrukt, dakpansgewijs, donkergroen. De kegels zijn even groot als de noten van de walnoot: eivormig-rond, ze hangen aan korte twijgjes. Ze hebben 8 tot 14 kegelschubben. Achter elke schub zitten twee zaden, die zijn voorzien van twee smalle, ronde vleugels. Zijn groeiwijze die het meest bekend is, n.l. in een smalle kolom, is de enige van de echte cipres. Zo ziet de varieteit stricta eruit, terwijl de habitus van de horizontalis eerder doet denken aan de ceders. Ze worden al duizenden jaren gekweekt, maar in de noordelijke streken zijn ze niet bestand tegen strenge winters. Men laat ze dan wel groeien in kassen. Toch komen ze voor in Engeland in Kew en op Mainau, het eiland in het meer van Konstanz. Het is een 20 tot 30 meter hoge boom met een top, die smal en piramidevormig, of breed en bijna parapluvormig is.