Home > Bomen en struiken > Amberboom

Amberboom


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                   Amberboom
Amberboom
Liquidambar styraciflua

Het geslacht Liquidambar bevat vier soorten, die leven in Noord- en Midden-Amerika, Klein-Azie en het Verre Oosten, in China en op Formosa. Het zijn bladverliezende bomen. waarvan de bladeren lijken op die van de esdoorn. Maar in tegenstelling tot de bladeren van de esdoorn, die geleed en tegenoverstaand zijn, staan die van de amberboom verspreid en hebben 3 tot 7 lobben. De schors van de amberboom, de enige soort die leeft in een beetje kouders streken, is diep gegroefd en heeft soms kurklijsten. Zijn gelobde en gelede bladeren zijn 10 tot 18 cm lang, breed en kaal. De lobben zijn heel puntig en de stelen 6 tot 10 cm lang. De bloemen hebben een bloeiwijze in de vorm van een kooltje. Ze bloeien in mei en hebben noch Bloembekleedsel, noch kelk kroon. De bruine vruchten lijken op doosvruchten. De amberboom wordt sinds 1681 gekweekt, na invoer uit de V.S. In de herfts is hij werkelijk mooi, als de bladeren purper, violet en geel worden. Jammer genoeg lijdt hij erg onder strenge winters in Midden-Europa, Waarbij vooral jonge bomen bevriezen. De andere soort, de Oosterse amberboom (L. orientalis), afkomstig uit Klein-Azie en het Nabije Oosten is nog minder winterhard. De amberboom brengt na insnijding een haal aromatische balsem, de styrax, voort die allerlei vluchtige stoffen bevat en nog veel andere substanties, die gebruikt worden als geneesmiddel. De geur wordt vaak vergeleken met die van wierook. (Liquidamber - vloeibare amber) De bladeren van de L. styraciflua verspreiden na kneuzing een zoetige, harsige geur. De amberboom, die 40 meter hoog kan worden, wordt in Europa maar 25 meter. Deze sierlijke boom is niet erg bestand tegen lage temperaturen.