Home > Bomen en struiken > Gewone Magnolia

Gewone Magnolia


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                         Gewone Magnolia
Gewone Magnolia
Magnolia x soulangeana

Hoewel de meeste magnolia's, die ongeveer in 35 soorten voorkomen, deels afkomstig zijn uit Midden-en Noord-Amerika, deels uit Oost-Azie en de Himalaya, blijven deze gewassen zeer nauw verbonden met Frankrijk. Hun naam is een eerbewijs aan Pierre Magnol, directeur van de Hortus Botanicus van de stad Montpellier, die er leefde van 1638 tot 1715. De meest bekende magnolia is de Magnolia Soulangeana, een hybride, in Fromont gekweekt in de tuin van M.Boutange-Bodin, door kruising van de M. denudata en de M. liliiflora. De gewone magnolia is een bladverliezende struik. Zijn bladeren, 10 tot 15 cm lang, zijn ovaal, bijna ellipsvormig, donzig van onderen. Maar de grootste sierwaarde van deze struik schuilt in de bloemen, die recht op de takken staan in de vorm van tuipen. Ze bloeien nog voor de bladeren verschijnen. Ze zijn tweeslachtig, regelmatig straalsgewijs, met opmerkelijke bloembekleedsels. Gewoonlijk samengesteld uit negen bloembladen groeien ze spiraalsgewijs, maar de bloembladen zijn zo op elkaar gedrukt, dat het lijkt alsof ze in drie cirkels staan. De binnenkant van de buitenste bloembladen is wit, maar gewoonlijk getekend met een smalle violette streep. De binnenste bloembladen zijn in het algemeen violet aan de basis en de streep is ook breder. Binnen in de bloem zijn de talrijke meeldraden spiraalvormig geplaatst enenals de stampers, die bovenin de bloem zijn gelegen en ook zeer talrijk zijn. De vrucht lijkt op een blaasje; alle blaasjes samen vormen de eigenlijke vrucht, die kegelvormig is. Magnolia's zijn houtachtige gewassen, die heelmoeilijk te vermeerderen zijn. De zaden kiemen, na hun rustperiode, heel langzaam. De cultivars van de gewone Magnolia vermeerderen zich slechts door kruising of in een moderne hortus botanicus door stek. Het is een kleine boom of een struik met meerdere stammetjes. Hij wordt 3 tot 9 meter hoog. Hij kan niet goed tegen late nachtvorst.