Home > Bomen en struiken > Laurierwilg
Laurierwilg
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 Laurierwilg Salix pentandra
De laurierwilg heeft een speciale plaats in het geslacht Salix, omdat zijn kenmerken hem duidelijk onderscheiden van andere smalbladige wilgen. Het blad is breder en veel glanzender. De katjesschubben vormen roodbruine strepen in de herfst, glad en glanzend. De bladeren verspreiden, Vooral als ze verleppen, een sterke geur die doet denken aan bittere amandelen. De Schors en het gehakte hout verspreiden dezelfde geur, die voortkomt uit de harsen en de vluchtige stoffen die meer geconcentreerd zijn in de knoppen, net als bij populieren. We kunnen ook nog vermelden, dat de laurierwilg het grootste aantal meeldraden heeft en grote beschermschubben voor de bloemen. Van de grote wilgen bloeit de laurierwilg het laatst, in mei en juni, nadat het blad volledig ontplooid is. De ongeveer 7cm lange mannelijke katjes zijn geel, de vrouwelijke groenachtig en veel korter. De vruchtdragende vrouwelijke katjes blijven tot de herfst aan de boom, als de zaden beginnen te rijpen. De zaden zijn dun, behaard, zilverwit en de doosvruchtjes die zich openen in de katjes doen denken aan plukjes katoen. de zaden zaaien zich 's winters uit of in de lente daarop volgend en ontkiemen pas in de nieuwe groeiperiode. De periode van ontkiemen is de langste van alle wilgen: bijna zes maanden. Zijn natuurlijke milieu is de vochtige moerassige weide, in de laagvlakte zowel als in de hoogte, tot de boomgrens. Tegenwoordig is de laurierwilg op zijn retour in zijn natuurlijke milieu, dat meer en meer ontgonnen wordt voor andere doeleinden. Het is een Europese houtachtige soort, verspreid tot aan de Kaukasus. Deze laurierwilg heeft 6 tot 12 meeldraden in de mannelijke bloemen, terwijl zijn hybride, die voortkomt uit een kruising met de kraakwilg, Salix x tinctoria, er 5 heeft. Deze boom kan 15 meter hoog worden. Zijn schors kan worden gebruikt gebruikt in de farmaceutische industrie.
|