Home > Dieren > Honden > Collie > Langharige Collie

Langharige Collie


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                                           langharige collie
LANGHARIGE COLLIE
Er is geen ras waarover zo veel verwarring bestaat als over de Collie. Als men over een Collie spreekt, kan men het immers over de Langharige, de Kortharige, de Border en de Bearded Collie hebben. Meestal bedoelt men echterdit ras, de Langharige Collie, dat beromed is geworden door de flimhond Lassie, en abusievelijk ook wel 'Lassiehond' of 'Schotse Collie' genoemd. Een miniatuuruitgave hiervan is de Shetland Sheepdog of Sheltie.
De Langharige Collie vormt een ideale gezinshond: gezeglijk, aanhankelijk en trow. Hij is sterk en ondanks zijn dikke vacht vrij vrij eenvoudig onderhouden.

Lichaansbeweging
Normale dagelijkse wandelingen, waarbij het dier ook af en toe vrij moet kunnen rennen.

Uiterlijke verzoging
Dagelijks borstelen. Denis er niet voor terug hem met de stofzuiger met de kleinste borstel schoon te maken als hij onder de modder zit, maar wen de hond eerst wel aan het geluid van dit apparaat.

Voeding
Aanbevolen wodt 500-900 gram blikveels, aangevuld met een gelijke hoeveelheid hondebrood; of 5 kpojes volledig hondevoer, vermengd met 2-1/2 kopje warm of koud water.

Oorsprong en geschiedenis
De Langharige Collie is, algemeen gesproken, van Schoste afkomst. Feitelijk werden zijn voorouders 400 jaar gelede vanuit IJsland naar Engeland en Schotland overgebracht. Ze maakten echter voorral naam als schaapherdershonden in Schotland, waar de schpen met een zwart gezicht en zwarte poten 'colleys' werden genoemd. De huidige Gladharige en Langhrige Collies zijn terug te bregen tot een driekleurige hond die in 1873 werd geboren en 'Trefoil' heette. Maar terwijl de Langharige internationaal populair werd, ziet men de Gladharige slechts zelden.

RASPUNTEN
Algemene verschijning. De eerste indruk van de Colie is een hond van grote schoonheid, met een onverstoorbare waardigheid, waarbij alle onderdelen in een volmakkte harmonie zijn verenigd.

Kleur. Sabel (zandkleur) en wit, driekleurig en blue merle.
Sabel- elke tint van lichtgoud tot warn mahoniekleurig of sabel met zwarte haarpunten.
Driekleurig- overheersend zwart met warm roestbruine aftekeningen op benen en hoofd.
Blue merle- overheersend licht, ziverachtig blauw, gevlekt en gemarmerd met zwart.
Deze drie kleuren in meerdere of mindere mate aangevuld met de witte Collie aftekeningen.
Hoofd en schedel. De verhoudingen van het hoofd zijn van groot belang en moeten gerelateerd worden aan de afmetingen van de hond. Van voren of van opzij gezien lijkt het hoofd op een stompe, zuivere wig, met een vloeiend silhouet, De neus moet altijd zwart zijn, welke kleur de hond ook heeft.
Staart. Moet lang zijn, met het benigre gedeelte minstens tot aan het spronggewricht reikend. Laag gedragen wanneer de hond in rust is, echter met een lichte
opwaartse buiging aan de punt. Hij mag vrolijk worden gedragen als de hond opgewonden is, echter niet over de rug.

Voeten. Moeten ovaal van vormzijn, met flinke eeltkussens; tenen gebogen en dicht aaneengesloten. Achtervoeten iets minder gebogen.