Home > Dieren > Paarden > Torgelse paard

Torgelse Paard


Klik hieronder om te zoeken in onze website


TORGELSE PAARD

Krachtig warmbloed voor tuig en onder het zadel. Twee typen nl. Een zwaar (meer geschikt voor landbouwwerkzaamheden ) en een lichter (ook geschikt voor sport); groot uithoudingsvermogen en trekkracht; krachtige bouw; verteert goed ruwvoer en hakvruchten; gaat zeer lang mee, goedaardig karakter; ten dele gebruikt voor verbetering van lokale rassen.

Uitgesproken rechthoekspaard: lange romp met korte ledematen; middelgroot hoofd; breed voorhoofd, middelgrote rechtopstaande oren; grote levendige ogen; wijde neusgaten; brede kaken; middellange gespierde hals; brede niet zeer hoge schoft; rechte en korte rug; stevige lendenen; kruis iets afhangend, zeer lang, doch niet breed betrekkelijk vlakke ribben ; droge benen met sterke gewrichten; duidelijke getekende Pezen; middelgrote hoeven van best hoorn; meest voorkomende haarkleur vos, hoogte ca. 1.53 m.

Zeer opvallende exacte bewegingen in stap en draf; goed galoppeervermogen en aanleg tot springen.

Fokgebieden, USSR: Estlandse Republiek. Naam is afgeleid van de stoeterij Torgel in de buurt van Pernaus.

Ontstaan uit de inlandse klepper (lijkt op de Finse Klepper) door kruisen met Arabier, Ardenner, Ardenner, Norfolk, Oostfries, Hannoveraan , Orlowdraver en in de jongste tijd ook nog de Postier en Breton; bijzondere betekenis voor de fokkerij kreeg de in 1888 ingevoerde Orlow- hengst 'Jantar' , evenals de Poolse hengst 'Hetman".