Home > Dieren > Vissen > Beekridder

Beekridder


Klik hieronder om te zoeken in onze website


              Beekridder
Beekridder (zoutwatervorm)
Arctic char (marine form) (En), Seesaibling (D), Trucha alpina (E), Omble-chevalier (F), Salmerino arctico (I), Riddervis, beekridder (Nl) . Jezerska zlatovcica (Cr), Awanans (Cree), Mountain trout, char (En), Aupalijaat (Inu), Bleika (Is), Iwana (J), Arktitjeskij golets (R), Roding (S), Nieria (Sf)
De aan hun standplaats trouwe zoetwatervormen van de riddervis in de Alpen stellen watenschappers, die orde in de vissystematiek willen aanbrengen, nog steeds voor een raadsel. Men neemt aan dat ze zich uit de zoutwatervorm hebben ontwikkeld die om kuit te schieten daar naatoe waren getrokken. Het hoofdverspreidingsgebied van de zoutwatervorm strekt zich uit langs de kust van de Eurazische Noordlijke IJsee en reikt tot IJsland. Zoals gebruikelijk is bij zoutwatervormen van vissoorten groeien deze sneller dan de zoetwatervorm. In zee worden ze tot 1 m lang. Ze leven roofzuchtig, behalve de populaties die hun leefgebied onder de kust hebben en in het brakke water van riviermondingen. De zeer vraatzuchtige riddervissen zijn makkelijk te vangen, hetzij met levend aas of met kunstaas. Men moet met de krachtige vissen, als ze in de boot zijn getrokken, goed oppassen, want hun sterke tanden en de stekelige kieuwdeksels kunnen verwondingen veroorzaken. De buikvinnen, die in zee licht van kleur zijn, krijgen aan het begin van het paaiseizoen, als de paairijpe vissen zich richting rivieren begeven, langzamerhand een roodachtige glans.