Home > Dieren > Vissen > Harder > Dunlipharder

Dunlipharder


Klik hieronder om te zoeken in onze website


              Dunlipharder
Dunlipharder / HARDERS
Thinlip mullet (En), Dunnlippige Meerasche (D), Morragute (E), Mullet porc (F), Cefalo calamita (I), Dunlipharder (Nl) . Qefulli i vjeshtes (Alb), Keffal (Bul), Tyndlaebet multe (Da), Millead (Ga), Mauraki, velanitsa (Gr), Cipal balavac (Hr), Rondungur (Is), Tynnleppet multe (N), Tainha-fataca (P), Kefal (R), Platarin (Ru), Ohuthuulikeltti (Sf), Tenkousti cipelj (Slo), Pulatarina baligi (Tr)
Ook deze harder is in de oostelijke Atlantische Oceaan van Noorwegen tot Marokko alsmede in de Middellandse Zee en in de Zwarte Zee inheems. Vermeende waarnemingen van de vissen in tropische wateren berusten waarschijnlijk op vergissingen. De dieren bereiken een lengte van 70 cm en een gewicht van ongeveer 3,2 kg. Ze leven in schlon, bij voorkeur in ondiep kustwater. Daar ze zich aan schommelingen in het zoutgehalte probleemloos kunnen aanpassen, vindt men ze bovendien in brakke lagunen en riviermondingen, soms zelfs in zoet water. Ze voelden zich echter ook in lichtzoute meren thuis. Diepten van meer dan 10 m mijden de dieren doorgaans. Om te paaien trekken ze naar open zee, waar ze van oktober tot november blijven. Zowel de eieren als de larven drijven met de stromingen in de middelste waterdiepten mee. De jonge vissen ziet men vaak in de lagunen van de Middellandse Zee. Ze groeien heel lagzaam; op de leeftijd van zes jaar zijn ze pas 30-35 cm lang. Dunlipharders vinden hun voedsel op de grond. Ze eten algen, organisch materiaal en ongewervelde dieren. De economisch sterk benutte soort wordt ook commercieel gekweekt. Het vlees komt meestal kort gebraden, gegrild, gebakken of als vissoep op tafel.