|
|
Home > Dieren > Vogels > Hardwicks bladvogel
Hardwicks Bladvogel
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 HARDWICK’S BLADVOGEL, Chloropsis hardwickei (ca. 20 cm) In vier rassen komt deze soort van Sumatra, in Malakka, Thailand, Birma, Manipur tot in Zuid-China voor. De hier afgebeelde vogels behoren tot de mooiste van het geslacht. Het zijn bosbewoners van het lagere bergland. Ze leven paarsgewijs of in kleine groepjes en een enkele maal worden in een bepaalde bloesem dragende boom een groter aantal bij elkaar gezien in gezelschap van Brilvogels, Honingvogels en Sibia’s. Ze zijn onafschidelijk van de Loranthus-parasieten die de loofbossen overwoekeren. Ze voeden zich hoofdzakelijk met de nectar die ze uit de bloemkelken halen. Ze klimmen en klauteren in alle mogelijke houdingen langs de twijgen om de bloesems te kunnen bereiken. Verder eten ze spinnen en andere insekten en bessen. Ze brengen de stuifmeel van de bloemen van allerlei in het wild groeiende planten over. In het hoge, dichte gebladerte worden de komvormige nesten gebouwd, die aan de buitenzijde met zachte plantenvezels bekleed zijn. Ondanks de opvallende kleuren van het mannetje zijn deze vogels in het dichte gebladerte toch moeilijk te ontdekken. Het vrouwtje is in een sober grasgroen pakje gestoken, heeft een lichtblauwe baardvlek, wat blauw op de vleugels en alleen oranje op de onderstaartdekveren en het midden van de buik. Het mannetje heeft geelachtig groene bovendelen, zwarte teugels, zijkanten van de kop, kin keel en gorte borstvlek. De baardstreep is azuurblauw. De onderdelen zijn zacht oranje; de vleugeldekveren en zomen van de grote slagpennen zijn blauw. Richter beeldde de vogel af op Epigynium acuminatum. |
|
|