Home > Dieren > Vogels > Ijsvogel > Mantel ijsvogel

Mantel Ijsvogel


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                              Mantel ijsvogel
MANTELIJSVOGEL, Dacelo t. tyro
(ca. 32 cm)
Deze ijsvogel werd het eerst door Gray beschreven nadat hij door Wallace op de Aru-eilanden was ontdekt. Gould kreeg twee exemplaren uit Wallace’s collectie, de ene was iets kleiner dan de andere en bovendien wat donkerder van kleur. Bij de Europese Ijsvogel is het mannetje iets kleiner en hier is dit ook het geval.
Over de levensgewoonten is weinig bekend; de Bosijsvogels, die tot de subfamilie Daceloninae behoren vormen een gevarieerde groep, waarven de leden vaak op grote afstand van het water wonen en de snavel is wat breeder en meer afgeplat en heft vaak een naar beneden gerichte punt. Deze ijsvogels eten behalve insekten ook vaak kleine vogels en allerlei reptielen. De vogels nestelen in holle bomen en gebruiken geen nestmateriaal. De achterste ijsvogel op de plaat is het mannetje. De gevlekte veren op de kop zijn in de nek verlengd en vormen een sort mantel die om de schouders gespreid ligt. Naar deze mantel heft Gould de vogel benaamd. De bovenkop en zijkanten van de kop zijn zwart met izabelwit vlekken, de nek en het bovenste deel van de zijn izabelwit met zwarte strepen en randen langs de veren. De schouders zijn zwart evenals de vleugeldekveren met glanzend blauwe veerzomen. De slagpennen en staart zijn zwart en de veerzomen zijn aan de buitenkant blauw. Het onderste gedeelte van de rug is zilverblauw, de onderdelen zijn voskleurig, het lichtst op de keel. De bovensnavel is zwart, de ondersnavel hoornkleurig. Bij het vrouwtje zijn de slagpennen en staart meer groenachtig blauw. Jonge vogels hebben op de onderdelen zwarte veer-randen en een zwarte snavel met hoornkleurige punt.