Home > Dieren > Vogels > Kuifaalscholver

Kuifaalscholver


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                         kuifaalscholver
KUIFAALSCHOLVER

 Verspreiding : Europa en het Westen van Noord-Afrika.
Veldkenmerken : Is kleiner en slanker dan de aalscholver, ook gans zwart zonder witte vlekken en met een fijner snaveltij. In het parchtkleed een naar voren buigend kuifje. Juveniele vogels bezitten bijna geen wit op de onderzijde (behalve op de kin) doch bij de ondersoort 'demarestii' is er bij de juvenielen ook een wittere onderzijde, naast een gelere snavel en gelere poten. Enkel het mannetje roept tijdens de broedtijd : een schor 'kroak-kraik-kroak'.
Biotoop : Rotsige en steile zeeklippen, met steile wanden en spleten voor de nesten, die zich niet op de vlakke gedeelten bevinden zoals bij de gewone aalscholver. Vist vooral op zee duikend naar echte zeevis (= 33% haringen). Slechts na zware storm in stroom-mondingen of dieper in het binnenland.
Voortplanting : Vanaf begin april, zelden vroeger en eens einde juni meestal 3 vuilwitte eieren met ruige kalkschaal, even smal doch kleiner dan die van de aalscholver. Beide partners bouwen het vrij groot nest van rottende plantendelen, het wijfje verwerkt echter het materiaalen broedt ook veruit meest en 's nachts, gedurende = 30-31 dagen, met de eieren boven op de pootvliezen. Na = 50 dagen vliegen de jongen uit maar blijven nog = 15-30 dagen bij de ouders. Per jaar 1 broedsel, ook nalegsels, echter na begin juni meestal zonder sukses. 

 Verplaatsingen : Gedeeltelijk standvogel (Britse en zelfs IJslandse vogels) maar ook op zee rondzwervend, meestal naar het Zuiden maar ook Oostwaarts, bv. van Groot Brittannie naar Zuid-West-Noorwegen en Denemarken.