|
|
Home > Dieren > Vogels > Kwikstaart > Kalenderleeuwerik
Kalenderleeuwerik
Klik hieronder om te zoeken in onze website
KALANDERLEEUWERIK, Melanocorypha calandra (ca. 19 cm) Rondom het Middellandse Zeegebied, naar het oosten toe tot Afghanistan en Turkestan komen deze zeer merkwaardige Leeuweriken voor. Meestal zijn het standvogels, maar enkele exemplaren dwalen wel eens af en zijn zelfs in Engeland en Finland gesignaleerd. Een van de opvallendste kenmerken vormt de van een scherpe rechte klauw voorziene achterteen. Het formaat is ook groter dan van de andere Leeuweriken. Hoewel de snavel spits en lang is, is hij op deze plaat toch iets te fors getekend. De zwarte vlek aan beide bovenkanten van de borst mag stellig ook wat zwaarder worden geaccentueerd. De kleine slagpennen hebben witte punten, wat alleen goed te zien is als de vogels vliegen. De bovendelen zijn donkerbruin; alle veren hebben lichtere zomen. De grote slagpennen zijn donkerbruin, de andere hebben lichtbruine randen. De buitenste staartpennen zijn wit, de rest is donkerbruin, op de twee middelste na, die lichtbruin zijn. Ze hebben allemaal witte zomen en punten. Het vrouwtje heeft wat kortere vleugels en een blekere vlek naast de krop. In de steppen en landbouwstreken komen deze vogel in groten getale voor. Opvallend is de cirkelende hoge vlucht, waarbij hij nasaal sjilpend ,,lytra” roept en tal van andere vogelgeluiden imiteert. Na de boredtijd vormen zich grote vluchten. Ze voeden zich met allerlei zaden en trekken tegen de avond gezemenlijk naar een drinkplaats. In een nest op de grond worden 4-6 eitjes gelegd. De vogels broeden tweemaal per seizoen. |
|
|