Home > Dieren > Vogels > Duiven > Tortelduif

Tortelduif


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                        TORTELDUIF
TORTELDUIF
Verspreiding : Europa, Westelijk Azie en Noord-Afrika tot ver in de Sahara-woestijn en Soedan.
Veldkenmerken : Vrij kleine duivensoort, slank, met roodbruine bovenzijde en witte buik en een lange witgezoomde staart. Adulten met 2 zwartwitte halsvlekken. Snelle soepele vlucht. Gekoer : 'toer-toe-toer', steeds herhaald, met ertussen een kort 'kok'; baltsand : 'or-or-or', met drukke buigingen voor het wijfje. Baltsvlucht met wat vleugelklappen, erna stijgend in zweefvlucht en neerdalend.
Biotoop : Lichte bosjes met dichte ondergroei, kreupelhout, struikmoeras of jong naaldhout met veel velden en water in de omgeving. Ook in open veld met wat hagen, in boomgaarden, parken en verwilderde tuinen, is zeldzamer boven de 400 m., uitzonderlijk tot 1.200 (Alpen) en 1.700 m. (Atlasgebergte). Voedsel : vooral onkruidzaden (zurkel !), week graan, ook wat insekten.
Voorttplanting : Van mei of vroeger van droge twijgen, meestal vrij laag (2-3 m. hoog) in struik (tot 40 cm. van de grond) of hoger (tot 5 m. en meer) in een boom; uitzonderlijk boven op oude nesten. Beide partners bouwen en broeden = 14-15 dagen, soms 17 dagen vliegen de jongen uit. Normaal 2 broedsels per jaar.
Verplaatsingen : Trekvogel die in Tropisch Afrika (tot in N.-o.-kongo) overwintert.