Home > Dieren > Vogels > Fazant > kaspisch sneeuwhoen

Kaspisch Sneeuwhoen


Klik hieronder om te zoeken in onze website


KASPISCH SNEEUWHOEN, Tetraogallus caspius
                                                         (ca. 70 cm)
Sneeuwhoenders van het geslacht Tetraogallus leven in streken boven de boomgrens van de Kaukasus tot het Altaigebergte. Het hier afgebeelde Sneeuwhoen bewoont het Taurusgebergte, het hoogland van Armenie van Klein-Azie in het oosten door de bergen van Noord-Perzie tot het uiterste zuidwesten van Transcaspie. Alleen in de wintermaanden dalen ze samen met enkele fazantensoorten af naar de dalen. Langs sneeuwsmeltranden zoeken ze de prille uitlopers van allerlei planten en grassen. Ze doen denken aan reusachtige patrijzen met hun gemengde grijze, kastanjebruine, zwarte en witte verenkleed. Als ze opgejaagd worden lopen ze hard weg, waggelend als ganzen en wippen ze hun staart omhoog, waarbij de witte onder-staartdekveren getoond worden.
Door hun afgelegen woongebieden komen ze de mensen maar zelden onder ogen en Gould kon levende exemplaren bestuderen in de Londense dierentuin, waar er twee verschillende jaren in goede conditie verbleven. In groepjes van 6-10 vogels leven ze in hun woongebied en hoewel ze 's winters wat naar beneden komen, gaan ze nooit de bosen in. Ze schijnen onafscheidelijk te zijn van de berggeiten en wanneer het voedsel 's winters schaars is eten ze de uitwerp-selen van deze dieren. Ze voeden zich met gras, plantenuitlopers, bollen, knollen en zaden.
Het vrouwtje legt 4-6 izabelkleurige, aan het stompe eind met roodbruine vlekjes bedekte eieren in een onbekleed kuiltje en broedt zeer vast, terwijl het mannetje de wacht houdt op een nabijgelegen verhoging, van waaruit hij haar met een schelle fluittoon kan waar-schuwen als er onraad nadert.