Home > Dieren > Vogels > Gors > Cirlgors

Cirlgors


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                              CIRLGORS
CIRLGORS
Verspreiding : Zuid-en Zuid-Oost-Europa en Noord-Afrika.
Veldkenmerken : Het mannetje kan steeds  herkend worden door de kastanjebruine rug, de olijfkleurige band op de gele borst en vooral door de typische zwart-gele koptekening. Het wijfje en de jongen hebben geen zwarte kin en zijn over het algemeen bruiner en meer gestreept op de onderzijde. De zang van het mannetje is vrij eentonig, enigszins zoals van de geelgors maar zonder de lange uithaal op het einde. 
Biotoop : Droge en zonnige plaatsen, waar velden of wijngaarden door bomen en struiken worden omzoomd. Ook muren en puinen, soms zelfs in volle stad, plaatselijk ook in  dennebosjes op droog terrein (Champagne/ Frankrijk).
Voortplanting : Van mei tot juli 4, soms 3 of 5 eitjes die door het wijfje gedurende 11 tot 13 dagen bebroed worden. Het nest zit in een struik of in een muurholte.
Verplaatsingen : Eerder standvogel die 's winters in grote groepen aangetroffen wordt in beschutte valleien. Soms heel wat zwerfbewegingen, die bv. deze vogels tot in Egypte of centraal Rusland kunnen brengen.