|
|
Home > Dieren > Vogels > Gors > Grijze gors
Grijze Gors
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 GRIJZE GORS Verspreiding : Europa, Azie en Noord-Afrika. Veldkenmerken : Het mannetje kan vooral herkend worden door de zwarte strepen op de grijze wangen en kop. Het wijfje en de jongen zijn veel donkerder en bruiner, met lichtgestreepte borst en flanken. De stuit en ook de buik van het mannetje zijn steeds kastanjebruin gekleurd. Biotoop : Bergvogel die het liefst de uitgesproken rotsige ravijnen vewoont doch zich eveneens kan aanpassen aan de vlakten waar dan muren of terrassen volstaan, op voorwaarde dat er zonnige hellingen voorkomen, zoals dit het geval es in de wijngaarden die langs de Rijn en Moezel aangelegd zijn. Voortplanting : Van mei tot juli, soms reeds vanaf einde april, meestal 4 eieren (soms 3 of 5, of zelfs 6) die door het wijfje gedurende = 12-13 dagen bebroed worden. Het nest zit op de grond, tussen rotsblokken, soms op30 cm. tot 1 m. hoogte. De eieren zien eruit als die van de geelgors, doch er zijn fijnere en dichtere streepjes op en ook steeds vlekken. Per jaar twee broedsels. Verplaatsingen : In Zuid-Europa is deze soort standvogel die de winter in beschutte plaatsen doorbrengt. |
|
|