|
|
Home > Dieren > Vogels > Mees > Glanskopmees
Glanskopmees
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 GLANSKOPMEES Verspreiding : Europa, behalve in het Noorden en Oosten, Oost-Azie en een afzonderlijke populatie in Klein Azie : Kaukasus-gebergte. Veldkenmerken : Een kleine bruine mees met zwarte kap, grijswitte onderzijde en wangen en zwart kinvledje. Als verschilpunten met de matkopmees zijn er de rondere kop, de licht-gevorkte staart en het ontbreken van de lichte vleugelspiegel. Doch roep en zang vormen de beste kenmerken : bij de glansmees, die trouwens een nerveuzer en minder teruggetrokken gedrag heeft, zijn de steeds terugkerende 'tjip' en 'tsippetsip'-kreten zeer typisch, ook tijdens de zang, die nooit zo melodieus klinkt als die van de matkopmees (met het steeds herhaald 'djuu-djuu' als hoofdthema). Biotoop : Loofhoutbossen, vooral op droge en zonnige leemgronden, met fo zonder onderbegroeiing. Ontbreekt nergens in de Ardeense loofwouden. In tegenstelling met wat de Engelse en Duitse naam zou doen vermoeden is deze mees in Belgie heel wat zeldzamer in moerassige streken dan de matkopmees, die eveneens talrijker voorkomt in zuiver naaldhoutbos. Voortplanting : Vanaf half april en in mei. Verplaatsingen : Lijkt een uitgesproken standvogel. |
|
|