Home > Dieren > Vogels > reiger > Kleine zilverreiger
Kleine Zilverreiger
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 KLEINE ZILVERREIGER Verspreiding : Zuid-Europa, Zuid-Azie, Oceanie en Afrika. Er zijn 5 ondersoorten, 1 in Europa (de nominaatvorm). Veldkenmerken : Middelgrote, gans witte reiger met zwarte snavel en poten doch met bleekgele enen. Lange witte sierveren over de rug en borst en ook 2 lange kuifveren, tijdens de broedtijd. Vliegt met ingetrokken hals, zoals de blauwe reiger, doch de vieugelslagen zijn veel sneller. Op de broedplaats hese en schorre geluiden. Biotoop : Overstroomde rivierbossen met dichte bomen en struiken, moerasbossen, visvijvers, ook rijstvelen en kustlagunen bij het voedsel zoeken. Eet vooral kleine vissen, kikvorsen, slakken, hagedissen, waterinsekten, enz. Voortplanting : Van einde april tot in juli-augustus meestal 4 groenblauwe eieren in een klein takkennest in struiken of op hoge bomen (tot 20 m. hoog), zelden ook in het riet, op 0,50 m. boven het water. Bijna steeds in grote kolonies en samen met andere reigers, lepelaars, ooievaars en ibissen broedend. Beide partners bouwen en broeden, gedurende +_ 21 tot 25 dagen vligen uit na +_ 30 dagen. Er is 1 enkel broedsel per jaar. Verplaatsingen : Trekvogel die vooral in tropisch West-Afrika overwintert, gedeeltelijk echter ook in Noord-Afrika en zelfs in Zuid-Europa.
|