Home > Dieren > Vogels > reiger > kwak

Kwak


Klik hieronder om te zoeken in onze website


                          kwak
KWAK
Verspreiding : Zuid-Europa, Azie, Oceanie (tot Celebes), Afrika en Amerika (ook op Hawai). Er zijn 4 ondersoorten, 1 in Europa.
Veldkenmerken : Kleiner dan de blauwe reiger doch heel wat groter en zwaarder dan het woudaapie. Vliegt ook met ingetrokken hals, zoals de blauwe reiger. Adulte vogel heeft een witte onderzijde, asgrauwe vleugels, zwarte rug en schedelkap, rode ogen en 2-3 witte nekpennen over de rug. Jonge vogels zijn bruin met witte druppelvlekken op rug en vleugels. Poten geel tot rozerood. Roept 's avonds en 's nachts : 'kwoak' (herhaald).
Bioptoop : Met struiken begroeide moerassen of vijvers met overhangende takken, ook moerasbossen of overstroomd weiland met bomen, zelden ook open rietland. Bij dag onbeweeglijk en verstopt tussen de takken en struiken, 's nachts echter in ondiep water rondlopend, soms ook vanop overhangende takken of zelfsop vlottende vegetatie jagend. Eet vooral kikvorsen, tot 40 cm. lange vissen, insekten, zelden ook reptielen, muizen en jonge vogels.
Voortplanting : van einde april tot einde juni in grotere of kleinere kolonies broedend : meestal 3 tot 5 blauwgroene eieren, zelden6, in vrij klein takkennest in struik of boom, op 1 tot 20 m. hoogte, meestal boven het water. Beide partners bouwen het nest en broeden gedurende = 21 dagen. De jongen verlaten reeds na 3-4 weken het nest doch vliegen pas goed na 7-8 weken. Normaal 1 broedsel per jaar, eventueel en vervanglegsel en soms wellicht een tweede broedsel.
Verplaatsingen : Trekvogel die in tropisch West-Afrika overwintert, vooral in Niger, Tchad, Kameroen,Sierra Leone, Gambia en Mali. De  terugkeer in Europa gebeurt vanaf einde maart.