|
|
Home > Dieren > Vogels > specht > Middelste bonte specht
Middelste Bonte Specht
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 MIDDELSTE BONTE S0PECHT Verspreiding : Centraal- Oost-Europa en Klein-Azie Veldkenmerken : Een weinig kleiner dan de grote bonte specht, maar met een lichtrode kruin (bleker bij het wijfje) zonder omlijning en zonder baardstreep. Hozekleurige onderstaart (niet vuurrood als bij grote bonte) gaat geleidelijk over naar de grijswitte buik. Roept meer : 'djuk-djuk' maar ook soms 'kiek' als de grote bonte. Schreiend 'wiej'- gezang (vanaf half januari) vormt beste kenmerk. Roffelt weinig in tegenstelling met de grote bonte specht; is ook meer insekteneter ('s winters ook zaden) en wellicht nog vechtlustiger. Zit soms horizontaal op tak. Biotoop : Typische soort van het eik-haagbeuk-woud, maar ook in andere lichtrijke bossen met veel droge takken. Echter niet in het zuivere beuk- en naaldhoutbos. Leeft meer in hoge boomtoppen dan de grote bonte specht en komt buiten het gesloten bos enkel in rustige parken voor. Voortplanting : Van einde april in iets nauwere nestholte in eiken of andere loofbomen (soms in zijtakken) op vrij grote hoogte (10-20 m., eens 1,50 m.).Beide partners broeden= 11-12 dagen, het mannetje meest ('s nachts).Er is 1 enkel broedsel per jaar. Verplaatsingen : Typische standvogel
|
|
|