Home > Dieren > Vogels > stormvogeltje > Noordse pijlstormvogel
Noordse Pijlstormvogel
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 NOORDSE PIJLSTORMVOGEL Verspreiding : Europa, N.W.-Afrika en Klein-Azie Drie ondersoorten, ook in Europa. Veldkenmerken : Kontrastkrijke pijlstormvogel, met zwarte bovenzijde en helderwitte onderzijde ('mauretanicus' : grauwbruin). Typisch vliegbeeld : glijvlucht met smalle gestrekte vleugels vlak boven de golven, afwisselend de rugzijde en dan weer de buikzijde tonend. Zwemt en duikt goed. Veel geroep op de broedplaats, vooral 's nachts : 'kitti-koeroe', 'karakar-hoe', 'goech-oech-oerk-ech-ech' : vliegend of in de nestgangen wordt aldus steeds rumoer gehouden. Biotoop : Echte zeevogel, vaak langs de kust maar ook in volle oceaan. Bewoont rotseilandjes die soms ver van de kust kunnen liggen. Als voedsel kleine vissen zoals sardienen en schollen, weekdieren, vettige afval, enz. Voortplanting : Van einde april tot einde mei 1 wit, glad maar glansloos ei. Het nest ligt in een zelfgegraven pijp (of in konjnepijp) en is met gras, bladeren,veren, enz. bekleed.Beiden gravan en broeden gedurende = 50-54 dagen, met aflossingen na 1 tot 5, vaak zelfs na 8-10 dagen ! Ondertussen zit de broedende vogel zonder voedsel. Het grijs donsjong wordt 1 week lang gekoesterd en daarna elke nacht gevoederd, zodat het na = 60 dagen zeer vet is. De laatste 11 tot 17 dagen wordt het echter zonder meer achtergelaten zodat het alleen de klippen moet bereiken om na = 72-77 dagen weg te vliegen : dit gebeurt 's nachts, wegens het gevaar van de meeuwen. Slechts 1 broedsel per jaar, ook geen vervanglegsels. Verplaatsingen : Reeds tijdens de broedtijd vliegen er soms tot 2.000 km ver, bv. naar de Golf van Biskaje, terwijl de partner broedt. In augustus-september verhoogt nog het ritme van deze zwerftochten, zodat er bij harde westerwinden tot in de Noordzee komen, ook langs de Belgische kust. |