Home > Dieren > Vogels > Timalia > roodbuik timalia

Roodbuik Timalia


Klik hieronder om te zoeken in onze website


ROODBUIK-TIMALIA, Dumetia hyperythra albogularis
(ca. 12,5 cm)
In het zuidelijke deen van India’s schiereiland in de provincie van Madras en ook op Ceylon wordt de Roodbuik-Timalia in drie verschillende rassen gevonden, die zich slechts in geringe kleur- en tekeningverscillen onderscheiden. Alleen het hier afgebeelde ras bezit een witte keel. De kuif bestaat uit veren met harde schachten.
De vogels leven in groepjes in dicht struikgewas en zijn alleen te zien als ze onder luid snorrend gekwetter van de ene groep struiken naar een andere oversteken. Ook komen ze op grasvelden voor met dichte doornstruiken of hoge Euphorbia-planten. Als er onraad is stuiven ze in alle richtingen in de dichtste struiken uiteen, maar na korte tijd verzamelen ze zich weer. In het Telugu-dialect heten ze ,,Pundi-jitta’’ wat,, Varkenvogen’’ betekent, een naam die ze gekregen hebben omdat ze zich altijd onder struiken ophouden en nooit tevoorschijn komen. De nesten worden op de grond of vlak erboven in een diche struik gevonden. Het is een losgeweven ronde bal van bamboebladeren en grashalmen en als er een bekleding is bestaat die uit wat fijn gras en haren. Er is een zij-ingang. Een onvoltooid nest wordt bij de geringste verstoring geheel verlaten. Er worden 4 eitjes gelegd, die wit zijn en roodbruine vlekjes vertonen voornamelijk aan het stompe eind. De vogels voeden zich met insekten en bessen. De bovendelen zijn olijfkleurig bruin met witachtig bruine streepjes getekend. De kin en keel zijn wit en de onderdelen verder warm kastanjerood. Er zijn geen uiterlijke geslachtskenmerken.