|
|
Home > Dieren > Vogels > Vink > Sijs
Sijs
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 SIJS Verspreiding : Europa en Azie. Veldkenmerken : Kleine geelgroene vinkachtige, met vrij lange scherpe snavel en dubbele gele vleugelstreep (niet zo bij de europese kanarie). Het mannetje bezit een zwarte schedel, vele heldergele en groene tinten en na het 2e jaar een zwart kinvlekje. Wippende vlucht, vaak roepend : 'tliejee' of 'tsetteret'. Als mezen bengelend aan twijgen bij het voedsel zoeken. Baltsvlucht (in 'vlindervlucht' in cirkels rondvliegend) en zang (vinnig en melodieus, met echter vele 'slepende' uithalen) zijn zeer typisch. Biotoop : Naaldhoutbossen voor de voortplanting, bij voorkeur zonnige sparrebosranden met water in de omgeving. In bergstreken het talrijkst op 1.200 tot 1.700 m. hoogte, waar ook meest sparren voorkomen (alpen). Na de broedtijd vooral elzen, in moerassen en midden in de velden, ook berken- olmen- populieren-aanplantingen en parken met thuyas en cypressen. Konifeerzaden worden op de bomen en ook op de grond bemachtigd, waarbij sijzen soms profiteren van het werk van kruisbekken. 's Zomers ook bladluizen voor de jongen. Voortplanting : Van april of vroeger.
|
|
|