Home > Dieren > Vogels > Meeuw > Zilvermeeuw
Zilvermeeuw
Klik hieronder om te zoeken in onze website
 ZILVERMEEUW Verspreiding : Noord- en Zuid-Europa, Noord-West-Afrika, Centraal- en Noord-Azie en Noord-Amerika. Veldkenmerken : Een vrij grote meeuw, als adult herkenbaar door bleekgrijze vleugelbovenzijde, zwartwitte vleugelpunten,zware gele snavel met oranjerode punt en de vleeskleurige poten. De populatie 'omissus' uit Finland en N.W.-Rusland heeft gele poten en iets donkerder mantel, evenals de ondersoorten 'cachinnans' en ook 'heuglini' en 'michahellis', maar beide laatste met duidelijk donkerder vleugelbovenzijde. Juvenielen zijn bruinzwart maar na 2 jaar is er reeds wat bleekgrijs op de bovenvleugels. Bastaarden met de grote burgemeestermeeuw op IJsland zijn reuzezilvermeeuwen met vleeskleurige poten en weinig zwart oop de vleugelpunten. Biotoop : Zandige en rotsige zeekusten, duinen, schorren, brakwaterpassen met begroeide oevers of eilandjes, zelden ook in het binnenland, op moerassen of grote binnenmeren (Finland : 'omissus') en zelfs op daken en gebouwen in volle stad, bv. te Dover (Gr. Br.). Tijdens de trek in stroommondingen, havens, boven grotere plassen en op stortplaatsen, in klein aantal ook in steden (b.v. Brussel). Als voedsel vooral allerlei voedselresten, week- en schaaldieren, weinig vis mar veel eieren en jongen van andere zeevogels, wormen en zelfs bessen (kraaiheide bv.). Voortplanting : Vanaf half april tot half juli. Verplaatsingen : uitgesproken standvogel die zelden tot in Noord-Spanje overwintert. |